Kristien sprak al over de vertelvaardigheden van haar man, maar als ik hem voor het eerst in het echte leven ontmoet, ergens eind augustus 2020, ben ik niet alleen daar verbaasd over. James blijkt namelijk een zeer open, liefdevol gezicht te hebben dat bij elke emotie een scala aan expressies laat zien. Voeg daar zijn levendige lichaamsbewegingen aan toe en voor je het goed en wel beseft, weet je je ondergedompeld in Afrika…

Niet ver van de plaats waar we elkaar ontmoeten, ligt bovendien de Lommelse Sahara: een verbluffend mooi natuurgebied met, welja, een zekere Afrikaanse uitstraling. ‘Als ik vermeld dat ik in de buurt van de Sahara woon, zorgt dat wel eens voor misverstanden.’ James schatert het uit.

James Kgwedi werd geboren op 22 oktober 1979 in Acornhoek, in de provincie Mpumalanga in Zuid-Afrika. Hij groeide op als enig kind in het huis van zijn grootmoeder (de moeder van zijn moeder). Toen hij vijftien jaar oud was, verhuisde hij naar zijn moeder en stiefvader. James: Op dertienjarige leeftijd veranderden ze mijn achternaam van mijn moeder (James Bango) in mijn stiefvader (James Kgwedi). Mijn oma noemde me Neo, wat ‘cadeau’ betekent, dus iedereen in het dorp noemde me Neo totdat ik naar de basisschool moest. Daar wilden ze dat ik een christelijke naam zou gebruiken. Dus werd ik James.

Tijdens het opgroeien verliep alles normaal. Er was geen enkele verwarring. We leefden samen met tantes, ooms, (achter-)neven en (achter-)nichten. Maar toen ging ik als tiener bij mijn moeder wonen en begonnen de problemen. Bij mijn moeder kon ik nooit vragen stellen, zelfs niet over het leven in het algemeen omdat alles een taboe was. Mijn moeder hield niet van praten. Ze is meer een gereserveerd persoon. Het grootste deel van mijn verlichting kreeg ik dan ook van mijn grootouders: zij waren mijn steunpilaren. Mijn thuis was bij hen en omdat ik een veeherder was, kon ik hen dagelijks bezoeken.

James’ oma was zijn ‘levende radio’: ‘altijd vol met verhalen’. Elke middag, op de basisschool, kregen we volksverhalen te horen waarbij we van onze oma’s leerden. En elke avond – ik keek daar zo naar uit! – zaten we allemaal buiten bij het vuur te luisteren naar haar ‘opgroei-verhalen’ – speciale verhalen die van generatie op generatie worden doorgegeven.

Tijdens het voetballen vertelden de andere jongens James dat hij dezelfde bewegingen had als Sam, een oudere man in het dorp. ‘Je lijkt zelfs op hem!’ zeiden ze.

Toen ik zeventien jaar oud was, kwam deze Sam op een vreemde manier naar me toe. Hij wilde contact met mij, maar ik begreep niet waarom. Hij gaf me soms ook geld -waarom wist ik niet – maar het maakte ons beiden gelukkig. Uiteindelijk vroeg James aan zijn moeder wie deze man was. De manier waarop zij reageerde gaf hem het gevoel dat er iets mis was. Ze vertelde me de waarheid, maar ze wilde dat ik mijn mond hield en niet te hard zou reageren. Ze zei dat ik hem moest vergeten, want mijn stiefvader had me immers opgevoed. Ze zei James dat hij naar hem moest opkijken als was hij zijn biologische vader en ze voegde eraan toe: ‘Hij heeft altijd voor alles betaald en heeft je altijd behandeld als was je zijn eigen zoon’.

James gehoorzaamde. Hij keek op naar zijn held-stiefvader en wilde zijn band met zijn biologische vader niet verder onderzoeken, zoals zijn moeder hem had aangeraden. Later vroeg ik mijn oma om deze situatie op te helderen, want ik was volledig het noorden kwijt. Het ging bijvoorbeeld niet goed met mijn concentratie op school. Ik vroeg me af ‘Wie ben ik?’ Uiteindelijk gingen ze bij me zitten en vertelden me hoe het allemaal was verlopen. Mijn biologische ouders waren beiden tieners en zaten nog steeds op school. Aan mijn biologische vaders kant wilden ze geen kind en waren ze bang dat er een huwelijk van zou komen, omdat hun status veel hoger was (ze hadden veel vee). Dus mijn moeder stopte met school, begon te werken en hielp me op te voeden bij mijn oma.

Het verhaal liet me als jongere niet onberoerd en bleef aan me kleven, maar ik wist niet hoe ik het onder ogen moest zien, hoe ik er mee om moest gaan. Ik vertelde mezelf dat ik gewoon moest doorgaan met mijn leven, niet te veel nadenken… maar toch bleef het me achtervolgen.

Ik ben opgegroeid in een christelijke, toegewijde familie met traditionele, culturele waarden. Toen ik in 2017 naar Zuid-Afrika ging om mijn stiefvader te begraven, had ik zo’n buikpijn dat mijn moeder me naar een ziekenhuis moest brengen. Daar konden ze echter niets vaststellen. Vervolgens ging ik naar de Sangoma, een traditionele genezer. Nadat hij mij had onderzocht, zei hij: ‘Er bevindt zich een zeer sterke energie om je heen, van de familielijn, die dringend contact met je wil hebben. Hij klaagt over de connectie. Hij komt altijd naar je toe, maar je weigert hem te zien. Het zit in je bloed. Zoek het op’.

Mijn grootmoeder wist onmiddellijk wat er speelde. Ze zei: ‘Het is je grootvader van je biologische vader die met je in contact wil komen. De enige manier om het op te lossen is om naar je vader te gaan.’ Toen ik vervolgens haar raad opvolgde, naar mijn vader ging en hem vertelde over mijn Sangoma bezoek, zei mijn vader dat hij hetzelfde probleem had. Hij was erg dankbaar dat ik was gekomen en dus beslisten we om samen de aangewezen rituelen te doen; vragend om verlichting en bescherming door een beroep te doen op zijn grootvader en zijn metgezellen/voorouders. Nadien voelde ik me erg opgelucht en opnieuw verbonden.

Als ik nu terugdenk, zou dit wel eens het begin geweest kunnen zijn van de genezing van mijn dochter Amy… Zie je, ze was toen vijf jaar oud, en dat was de leeftijd waarop ze plots begon te praten over al die mooie werelden, in plaats van de hele tijd ziek en humeurig te zijn.

Toen ik Amy’s verhaal voor het eerst hoorde, was ik zowel blij als geschokt, hoewel het niet als een complete verrassing kwam. Op de een of andere manier wist ik dat er in mijn familie iemand zou zijn die de roeping en de plicht om een visionair of genezer te zijn, zou voortzetten. De schok waar ik naar verwijs, heeft te maken met het feit dat haar visie veel hoger is dan ik kan bevatten of ooit had kunnen vermoeden. En ze is ook nog maar zo jong! Normaal gesproken moet ze een proces van traditionele training en begeleiding door traditionele genezers doorlopen om zulk een stadium te bereiken, maar in haar geval is het zo natuurlijk… je mond valt ervan open.

Op dit moment is James erg blij dat hij zijn beschermengel fysiek in huis heeft, naast zijn andere mooie, ietwat oudere dochter Naomi, ‘die liefde, luisteren en mededogen ademt. Amy is meer een rechttoe-rechtaan doorzetter, wetende wat ze wil, met een enorme kracht en energie.’

James vervolgt: Ik vertel graag spirituele verhalen, verhalen van verlichting. Ik vroeg mijn grootvader eens: ‘Waarom gaan we dood?’ Hij antwoordde: ‘We zijn hier alleen maar bezoekers. Als we sterven, gaan we terug naar het huis van onze voorouders. Je moet altijd hun bescherming vragen, dankbaar zijn en op hen letten. Hoe meer je ze vergeet, hoe meer gestrest en ongelukkig je wordt.’ En dus geraakte ik echt geïnteresseerd in het ontdekken van verschillende soorten religies, de bijbel, spiritualiteit, ect.

Zo besluit James: Religie is een door de mens gemaakt ding. In werkelijkheid zijn we één. We zijn allemaal spirituele wezens met een hoge energie die zelfgenezing/compassie/liefde/menselijkheid mogelijk maakt. Uiteindelijk hebben we slechts een kleine hoeveelheid energie (illuminati of cabal) toegestaan om de hele mensheid als het ware te consumeren. Daarom leven we vandaag de dag in zulk een chaotische wereld. We leven in een kooi vol illusies. Het is aan ons, aan ons allemaal, om wakker te worden en de natuurlijke koers opnieuw te volgen: respect voor de natuur, respect voor elkaar,… Deze mensheid is in wezen een liefhebbend ras.

Als ik James vraag of het moeilijk is geweest om naar België te verhuizen, knikt hij instemmend: In eerste instantie was het moeilijk, maar ik moest het accepteren als een nieuw begin van mijn levensreis. Natuurlijk heeft België een goed verzekeringssysteem (gezondheid, scholing, pensioen,…). En de politiek in Afrika begon de westerse stijl te volgen, zodat de rijken rijker worden en de armen armer. Door een systeem dat de individualiteit bevordert, blijft de consumptiemaatschappij/materialistische wereld de controle behouden. Wat van jou is, is van jou. Laat ik het zo stellen: het gemeenschapsleven en de -waarden zijn hier heel anders dan in Zuid-Afrika. Ik was het daar gewend om elkaar te helpen. Vooral in de dorpen waar ik ben opgegroeid, waar het ‘Ubuntu-concept’ toch nog steeds in zekere mate aanwezig is: ‘Ik ben omdat wij zijn’.

Plus ik kan echt voelen wanneer mensen een masker dragen of doen alsof ze tegengesteld zijn aan wat ze werkelijk zijn. Er was veel in België dat me erg onzeker maakte en me terugleidde naar mijn cocon, mijn schelp. Tot mijn dochter Amy me het licht liet zien waar ik altijd naar had verlangd. Ik leefde in het donker, in een kooi van zelfvernietiging. Ik wilde mijn (innerlijke) kennis niet laten zien of ervoor uitkomen, en ook mijn gevoelens wilde ik niet delen…

Momenteel werkt James als olifantenverzorger in Pakawi Park (Olmen/Limburg). In Zuid-Afrika was ik trainer en gids in een groot wildreservaat. Voor mij, hier in België, is het werken met dieren in kooien een enorme uitdaging om mee om te gaan, want ik vind het triest om een prachtig dier opgesloten te zien zitten. Ik begrijp echter de methode die lang geleden is ontstaan om die dieren in het kader van educatieve programma’s in de buurt te hebben, zodat ze er meer over te weten kunnen komen.

Instinctief weten wilde dieren dat ze wilde dieren zijn. Ze hebben veel ruimte nodig zodat ze zonder stress kunnen leven. Mijn bijdrage is om ze liefde, bescherming, zorg en voeding te geven. Ik probeer ze te vermaken door met ze te praten, samen te oefenen, ze te verwennen met speciale behandelingen. Om ze het gevoel te geven dat het de moeite waard is om hier aanwezig te zijn. Olifanten hebben de beste en langste herinneringen, ze zullen nooit vergeten wanneer je iets verkeerd hebt gedaan. Ze voelen onmiddellijk of je echt en zuiver bent.

Ik weet dat er meer is dan alleen dit leven. Wat vandaag gebeurt, heeft te maken met de fouten van vorige levens. De oude energie komt terug om deze fouten op te helderen. Dat is de huidige reïncarnatie van de lichtwerkers. In het verleden waren er maar een paar lichtzoekenden en die werden snel geëlimineerd. Nu is het tijd voor het grote ontwaken. Veel van hen komen eraan. We zijn met zovelen op dit moment. Je hoort het in muziek, verhalen,… zelfs daklozen praten over verlichting!

We moeten onszelf vragen stellen: Waarom wij? Waarom nu? Waarom hier? We hebben een specifieke rol te spelen op deze planeet, en die heeft niets te maken met de manier waarop we nu leven. Moeder natuur reageert anders – dan gewoonlijk – op onze handelingen omdat we zo afgeleid zijn naar haar toe. Ze kan niet meer ademen en raakt verstikt omdat we haar vernietigen… Hoe vernietigen we haar? Door ontbossing, oceaanvervuiling, luchtvervuiling,… Haar hart, haar longen, haar darmen, al haar inwendige organen worden er elke dag en nacht uitgescheurd…

James ziet een toekomst met veel chaos: Onze gezondheid, het economisch systeem… Overal zal er emotionele en fysieke verstoring zijn… maar dit is slechts voor een korte periode, om de mensen te laten ontwaken, om te beseffen dat we in een illusie leven. We doden onszelf door te denken dat we precies moeten doen wat ze ons zeggen te doen. Maar dat alles zal nu worden losgelaten en voor altijd worden veranderd voor de volgende generaties.

Zoals iemand laatst zei: ‘De revolutie ging niet op de televisie komen, maar nu zal ze wél op de televisie komen.’ 

 

 

Deze blogpost maakt deel uit van het documentaire filmproject ‘Terug naar het Paradijs’.

Wil je op de hoogte worden gebracht wanneer de volgende blog verschijnt?

Schrijf je hier in voor mijn nieuwsbrief.

Ons live volgen kan ook! Via Instagram + Facebook